Regeling. pagina 1 van 8
|
|
|
- Melissa Segers
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Regeling voor een doelmatige belastingheffing over inkomsten uit sparen en beleggen, welke verworven zijn door participanten in een fiscaal transparante GmbH & Co. KG. Heerlen, <datum> pagina 1 van 8
2 1. Partijen en Regeling Belastingdienst/Limburg/kantoor Buitenland, De Inspecteur en Ontvanger, H. G. J. van den Boorn Hierna te noemen partij A. De gezamenlijke participanten van <NAAM GMBH & CO. KG> vertegenwoordigd door <XX> en <NAAM GMBH & CO. KG> (hierna te noemen GmbH & Co. KG) vertegenwoordigd door <BESTUURDER> Hierna te noemen partij B. Verklaren een overeenkomst te hebben gesloten ter bevordering van een doelmatige formalisering van de uit de belastingwet voortvloeiende schuld en van de op grond van een belastingwet op te leggen bestuurlijke boete en het betalen van de verschuldigde belasting. Partijen zijn in overleg op basis van artikel 64 Algemene wet inzake rijksbelastingen deze regeling overeengekomen (hierna te noemen de Regeling). pagina 2 van 8
3 2. Aanleiding tot de Regeling De participanten beleggen via de fiscaal transparante GmbH & Co. KG in één of meer Nederlandse onroerende zaken. Omdat veel participanten in deze GmbH & Co. KG geen andere in Nederland belaste inkomsten verwerven, is de verplichting tot het doen van aangifte inkomstenbelasting en de betaling van de verschuldigde belasting, heffingsrente en eventuele boete(n) uiterst omslachtig. 3. Belastingplicht buitenlandse belastingplichtigen Natuurlijke personen die participeren in een fiscaal transparante GmbH & Co. KG worden op grond van artikel 7.7 Wet inkomstenbelasting 2001 in de Nederlandse heffing betrokken voor de inkomsten uit sparen en beleggen (de zogenoemde Box 3-inkomsten) in verband met de in Nederland gelegen onroerende zaken (hierna verder aangeduid als: participanten). In beginsel is deze Regeling voor hen bestemd. Deze Regeling geldt evenwel niet voor natuurlijke personen ten aanzien waarvan de resultaten uit de participatie in de fiscaal transparante GmbH & Co. KG tot het box 1-inkomen, hoofdstuk 3 Wet inkomstenbelasting 2001 behoren, alsmede niet voor rechtspersonen die participeren in de fiscaal transparante GmbH & Co. KG. Deze rechtspersonen worden op grond van artikel 3 jo. 17a, Wet op de vennootschapsbelasting 1969 in de Nederlandse heffing betrokken. De natuurlijke en rechtspersonen die niet aan de Regeling deelnemen, hebben de verplichting om zelfstandig aangifte inkomstenbelasting respectievelijk aangifte vennootschapsbelasting te doen. Op grond van artikel 7.7 Wet inkomstenbelasting 2001 jo. artikel 5.19 Wet inkomstenbelasting 2001 dient de waarde van de onroerende za(a)k(en) (niet-woningen) te worden gesteld op de waarde in het economische verkeer op de peildata. 4. Uitwerking van de Regeling De Regeling is gebaseerd op de volgende concrete voorwaarden en invulling: A. De GmbH & Co. KG kwalificeert voor de Nederlandse belastingheffing als fiscaal transparant. B. De GmbH & Co. KG investeert in één of meer in Nederland gelegen onroerende zaken. C. De activiteiten van de GmbH & Co. KG gaan normaal vermogensbeheer niet te boven. D. Elke participant die deelneemt aan de Regeling, gaat akkoord met deze Regeling. Met het indienen van de gezamenlijke aangifte inkomstenbelasting verklaart Partij B dat hieraan is voldaan. E. De Regeling geldt slechts ten aanzien van participanten die hun participatie(s) in de GmbH & Co. KG terecht tot hun box 3-inkomen rekenen. F. De participanten in GmbH & Co. KG die deelnemen aan de Regeling (hierna: gezamenlijke participanten) doen voor hun gezamenlijke participaties in dat fonds gezamenlijk aangifte inkomstenbelasting. Hiertoe zal door de GmbH & Co KG volgens een voorgeschreven model een opgave worden verstrekt waaruit de door de gezamenlijke participanten te betalen belasting blijkt. G. De gezamenlijke participanten machtigen de GmbH & Co. KG om de gezamenlijke aangifte te doen en hen te vertegenwoordigen ten opzichte van de Belastingdienst, ook in bezwaar en beroep. H. De verschuldigde gezamenlijke inkomstenbelasting zal worden geformaliseerd door het opleggen van een naheffingsaanslag dividendbelasting. Waar in deze Regeling staat aanslag, kan in voorkomende gevallen ook worden gelezen naheffingsaanslag. pagina 3 van 8
4 I. De inspecteur zal op naam van de GmbH & Co. KG een aanslag dividendbelasting vaststellen en opleggen ten bedrage van de som van de op grond van deze Regeling niet opgelegde individuele aanslagen inkomstenbelasting aan de gezamenlijke participanten, ieder voor zich. Iedere participant, alsook de GmbH & Co. KG, is belanghebbende bij de belastingaanslag in zin van artikel 26a Algemene wet inzake rijksbelastingen 1959 en artikel 7:1 Algemene Wet Bestuursrecht. J. Partijen komen overeen dat het volledige traject vanaf het uitnodigen tot het doen van aangifte tot en met het onherroepelijk worden van de aanslag en het invorderingstraject geheel verloopt via de bestaande Nederlandse wet- en regelgeving zoals onder meer opgenomen in de Wet inkomstenbelasting 2001, Wet op de dividendbelasting 1965, Invorderingswet 1990, Algemene wet bestuursrecht en Algemene wet inzake rijksbelastingen Met dien verstande dat er een standaard uitstel wordt verleend voor het indienen van de gezamenlijke aangifte inkomstenbelasting tot 1 september van het jaar volgend op het jaar waarover aangifte wordt gedaan. Dit laatste geldt niet indien in het jaar waarover aangifte wordt gedaan de laatste onroerende zaak wordt vervreemd. In dat geval wordt de laatste aangifte binnen een in onderling overleg overeen te komen datum ingediend. Eventueel nader uitstel kan alleen in overleg met de inspecteur worden gekregen. Een verzoek om uitstel kan niet elektronisch worden gedaan. K. In aansluiting op het gestelde onder J, betekent dit dat heffingsrente en bestuurlijke boeten in rekening (kunnen) worden gebracht volgens de regels die gelden voor de inkomstenbelasting, met dien verstande dat wordt uitgegaan van één belastingplichtige. L. De fiscale rechten en plichten van de gezamenlijke participanten in verband met de participatie in de GmbH & Co. KG worden primair aan de GmbH & Co. KG toegerekend. Een en ander inclusief het recht op bezwaar en beroep namens één of meer participanten. M. Daarnaast kunnen individuele participanten individueel in bezwaar en beroep komen voor hun aandeel in de GmbH & Co. KG in de aanslag dividendbelasting. Voor dit bezwaar en beroep wordt aangesloten bij de regels zoals die gelden voor een individueel ingediende aangifte inkomstenbelasting. N. Voor de betaling van de aanslag dividendbelasting en voor de invordering van de schulden door de Belastingdienst wordt aangesloten bij de geldende wet- en regelgeving die gelden in het kader van de dividendbelasting. De aanslag die voortvloeit uit de gezamenlijke aangifte ingediend door de GmbH & Co. KG, wordt op naam gesteld van de GmbH & Co. KG. De GmbH & Co. KG is gehouden deze aanslag te betalen binnen de daarvoor geldende betalingstermijnen; deze staan tevens vermeld op het aanslagbiljet. Met dien verstande dat voor een eventuele betaling van de aanslag in termijnen in contact wordt getreden met de ontvanger. Eventuele teruggaven die voortvloeien uit de aanslag/aangifte, al dan niet na bezwaar en beroep, worden uitbetaald aan de GmbH & Co. KG. O. Omdat in materiële zin een belastingschuld op basis van de Wet inkomstenbelasting 2001 en niet op basis van de Wet op de dividendbelasting 1965 ontstaat, is het belanghebbenden, de GmbH & Co. KG alsmede de individuele participanten, niet toegestaan om in hun vestigingsland respectievelijk woonland dan wel in Nederland of elders enige tegemoetkoming te vragen in verband met betaalde dividendbelasting, rekening houdend met het gestelde in onderdeel 9 van deze Regeling. pagina 4 van 8
5 Met "enige tegemoetkoming" wordt bedoeld een tegemoetkoming gebaseerd op een regeling ter voorkoming van dubbele belasting voorvloeiende uit een bilateraal belastingverdrag, EG-recht of een eenzijdige regeling ter voorkoming van dubbele belasting, voor zover betrekking hebbend op dividendbelasting. 5. Aansprakelijkheid en zekerheid 5.1. Aansprakelijkheid De op te leggen aanslag dividendbelasting staat op naam van de GmbH & Co. KG. De GmbH & Co. KG is belastingschuldige ten behoeve van de dividendbelasting. De geldende wet- en regelgeving met betrekking tot de invordering, waaronder de invorderingswet 1990, zijn op de GmbH & Co. KG van toepassing. Bij het niet binnen de geldende betalingstermijn (vermeld op het aanslagbiljet) voldoen van de aanslag door de GmbH & Co. KG is elke individuele participant aansprakelijk voor de betaling van zijn of haar aandeel in deze gezamenlijke aanslag Voorlopige opgave Ter bevordering van de zekerheden van de betaling van de belastingschulden dient de GmbH & Co. KG ten behoeve van de Belastingdienst uiterlijk 1 april van enig jaar een voorlopige opgave in vanwege de activiteiten in dat lopende belastingjaar. De aanslag dividendbelasting die naar aanleiding van deze opgave wordt opgelegd, zal door GmbH & Co. KG worden betaald. De inspecteur streeft er naar om zo kort mogelijk na de ontvangst van de voorlopige opgave een aanslag dividendbelasting op te leggen (met een streefdatum van 31 mei), zodat de GmbH & Co. KG de aanslag in 3 termijnen, met uiterlijk bijschrijving op bankrekening van de Belastingdienst op 30 juni, 30 september en 31 december, kan betalen. Lukt het de inspecteur niet om de aanslag binnen een zodanige termijn op te leggen, zal de aanslag door de GmbH & Co. KG worden betaald binnen de dan nog resterende termijnen zoals hiervoor genoemd. Indien dit door bijzondere omstandigheden niet mogelijk is, zal door GmbH & Co. KG onverwijld in overleg worden getreden met de ontvanger Meldingsplicht De bestuurders van de GmbH & Co. KG hebben de plicht om aan de Belastingdienst/ Limburg, kantoor buitenland de aanstaande verkoop van (een deel van) de laatste onroerende zaak waarin de GmbH & Co. KG heeft geïnvesteerd uiterlijk 1 maand vóór de notariële levering te melden. Bij bijzondere omstandigheden dient deze melding onverwijld te worden gedaan. Onder verkoop wordt in het kader van de Regeling ook verstaan het bezwaren van (een deel van) de laatste onroerende zaak met zakelijke rechten. Bij het niet nakomen van deze verplichting kunnen de bestuurders van de GmbH & Co. KG hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor de voldoening van de openstaande formele en materiële belastingschulden van de GmbH & Co. KG op grond van deze Regeling. Met dien verstande dat deze aansprakelijkheid maximaal een bedrag van per bestuurder beloopt. pagina 5 van 8
6 6. Heffingsgrondslag De grondslag voor de berekening van het verschuldigde belastingbedrag wordt bepaald door de box-3- bepalingen van de Wet inkomstenbelasting Dat betekent dat belasting wordt geheven over de waarde in het economische verkeer van de onroerende zaak of zaken verminderd met de waarde van de schulden van de GmbH & Co. KG die betrekking hebben op de betreffende onroerende zaak of zaken. Voor de berekening van de verschuldigde belasting per participant wordt een evenredig deel van de aldus berekende grondslag verminderd met de schulden die betrekking hebben op de participatie, indien en voorzover die schuld betrekking heeft op in Nederland gelegen onroerend zaak of zaken. Een en ander volgens de actueel geldende wet- en regelgeving. 7. Te verstrekken gegevens De GmbH & Co. KG zal in het door de belastingdienst aangeleverde Excel-spreadsheet (verzamelstaat) volgens het vastgestelde sjabloon vermelden: 1. de naam van de GmbH & Co. KG; 2. het vestigingsadres van de GmbH & Co. KG; 3. de Nederlandse onroerende zaak of zaken, adres en kadastrale gegevens. Van elke deelnemer in de GmbH & Co. KG (ook van hen die niet deelnemen aan de Regeling) wordt vermeld (een en ander op basis van artikel 53 AWR): 1. Buitenlands belastingnummer; 2. Personalia (naam, voornamen, geboortedatum/oprichtingsdatum); 3. Adres, postcode en woonplaats; 4. Nederlands sofi-nummer (indien door de Nederlandse autoriteiten afgegeven); 5. Omvang van de participatie. Daarnaast wordt ten aanzien van de gezamenlijke participanten vermeld: 1. Rendementsgrondslag van de participatie; 2. Fictief rendement; 3. Berekende belasting. Tevens wordt vermeld het bedrag van de door de gezamenlijke participanten te betalen belasting. Bij de berekening van de te betalen belasting mogen per participant, bedragen beneden de aanslaggrens buiten beschouwing worden gelaten. De Belastingdienst ontvangt de gegevens digitaal door middel van een ingevuld Excel bestand (verzamelstaat volgens vastgesteld sjabloon). Voor het digitale aanleveren van de bestanden dient gebruik te worden gemaakt van een CD-rom. Indien u deze wenst te beveiligen met een wachtwoord, dient het bijbehorende wachtwoord separaat te worden verstrekt per post of per mail. Hiervoor kunt u gebruik maken van het adres [email protected]. pagina 6 van 8
7 8. Vrijwaring individuele participanten Participanten van de GmbH & Co. KG die deelnemen aan de Regeling en die geen andere aan Nederlandse belastingheffing onderworpen inkomsten hebben dan de belastbare inkomsten uit sparen en beleggen in Nederland vanwege een participatie in de GmbH & Co. KG, hebben door de werking van deze Regeling en het betaald zijn van hun toerekenbare deel van de gezamenlijke aanslag dividendbelasting voldaan aan hun aangifteplicht voor het desbetreffende jaar en bevrijdend hun aandeel in de belastingschuld over dat jaar voldaan. 9. Individueel aangifte doen en aanslagregeling inkomstenbelasting Participanten die belang hebben bij een aanslag inkomstenbelasting, kunnen verzoeken om uitreiking van een aangifte inkomstenbelasting. In deze aangifte dient de participant zijn of haar aandeel in het voordeel uit sparen en beleggen, rekening houdend met de aangifte van de GmbH & Co. KG op grond van deze Regeling, aan te geven. De via deze Regeling betaalde dividendbelasting kan op de individuele aanslag inkomstenbelasting als voorheffing in mindering worden gebracht. Deze Regeling treedt in werking op en is aangegaan voor onbepaalde tijd en kan door één van beide partijen vóór het einde van enig jaar met ingang van het daarop volgende jaar worden opgezegd. Vanwege het bestaan van een praktische regeling tot 1 januari 2009 kent de Regeling een overgangsregeling. In dat verband komen partijen overeen dat een GmbH & Co. KG die in 2009 wordt beëindigd vanwege de verkoop van alle onroerende zaken, voor het jaar 2009 met recht een beroep kan doen op toepassing van de geldende Praktische Regeling tot 1 januari De Regeling wordt 3 jaar na inwerkingtreding geëvalueerd. Partijen verlenen medewerking aan deze evaluatie. pagina 7 van 8
8 Partij A Heerlen, <DATUM> Belastingdienst/Limburg/kantoor Buitenland, De Inspecteur en Ontvanger H.G.J. van den Boorn Partij B < PLAATS> <DATUM> De gezamenlijke participanten van <NAAM GMBH & CO. KG> vertegenwoordigd door <NAAM GMBH & CO. KG> vertegenwoordigd door XX Bestuurder =============================================================== Den Haag,.. maart 2010 Belastingdienst Dhr. Drs. T.W.M. Poolen Lid van het managementteam Belastingdienst pagina 8 van 8
Fiscaal memorandum voor participaties in Terra Vitalis met betrekking tot het belastingjaar 2009
Fiscaal memorandum voor participaties in Terra Vitalis met betrekking tot het belastingjaar 2009 Inleiding Participeren in het beleggingsobject Terra Vitalis kan gevolgen hebben voor uw belastingpositie
Fiscaal memorandum voor participaties in Terra Vitalis met betrekking tot het belastingjaar 2010
Fiscaal memorandum voor participaties in Terra Vitalis met betrekking tot het belastingjaar 2010 Inleiding Participeren in het beleggingsobject Terra Vitalis kan gevolgen hebben voor uw belastingpositie
Besluit van 14 december 2010, nr. DGB2010/6832M, Staatscourant 2010, 20507
Algemene wet inzake rijksbelastingen. Besluit heffingsrente Directoraat-generaal Belastingdienst, Brieven en beleidsbesluiten Besluit van 14 december 2010, nr. DGB2010/6832M, Staatscourant 2010, 20507
Besluit van PM DATUM [CONCEPT] tot wijziging van enige wetten en uitvoeringsbesluiten op het gebied van de belastingen
Besluit van PM DATUM [CONCEPT] tot wijziging van enige wetten en uitvoeringsbesluiten op het gebied van de belastingen Artikel XII Het Besluit voorkoming dubbele belasting 2001 wordt als volgt gewijzigd:
Besluit van 8 april 2009, nr. CPP2009/482M, Stcrt. nr. 70
Inkomstenbelasting; Vennootschapsbelasting Versoepeling uitvoering terugwenteling verliezen over 2008 Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling, Sector brieven & beleidsbesluiten Besluit
gezien het voorstel van burgemeester en wethouders en met overname van de daarin vermelde overwegingen; gelet op artikel 224 van de Gemeentewet;
De raad van de gemeente Breda; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders en met overname van de daarin vermelde overwegingen; gelet op artikel 224 van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen
Algemene wet inzake rijksbelastingen
2 hoofdstuk Algemene wet inzake rijksbelastingen Oefenopgaven Opgave 2.1 a. De feitelijke omstandigheden zijn van belang (art. 4 AWR). Het belangrijkste criterium is waar het gezin verblijft en waar het
Vaststellingsovereenkomst (ex artikel 64 Algemene wet inzake rijksbelastingen)
Vaststellingsovereenkomst (ex artikel 64 Algemene wet inzake rijksbelastingen) 1. De ambtenaar belast met de heffing en invordering van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, waarvan de bestuurszetel
Belastingrecht voor het ho 2012
Belastingrecht voor het ho 2012 Uitwerkingen opgaven Deel 9 Formeel belastingrecht Henk Guiljam Noordhoff Uitgevers Groningen Belastingrecht voor het ho 2012 Uitwerkingen Noordhoff Uitgevers Groningen
Invorderingswet. Revisierente. Aansprakelijkheid verzekeraars
Invorderingswet. Revisierente. Aansprakelijkheid verzekeraars Besluit 31-03-2006 nr CPP06-507 Invorderingswet 1990. Aansprakelijkheid verzekeraars in verband met een inkomensvoorziening, een arbeids- of
Transparante Vennootschap
Transparante Vennootschap Er is een Transparante Vennootschap (hierna: TV) ingevoerd. Een TV is een naamloze vennootschap (hierna NV) of een besloten vennootschap (hierna: BV) die verzcht heeft om voor
Incassoreglement geautomatiseerde incasso GBLT
Incassoreglement geautomatiseerde incasso GBLT Gelet op het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht, de Invorderingswet 1990 en de van toepassing zijnde belasting verordeningen; Artikel 1. Begripsbepalingen
Heffing & Invordering 10. H&I
Heffing & Invordering 10. H&I Eindterm 10.01. Algemeen De examenkandidaat kan de plaats van de gemeentelijke heffingen omschrijven binnen de inkomstenbronnen van de gemeente en kent de bestedingen door
Verordening op de heffing en invordering van Rioolheffing Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd
Gemeente Zaanstad Verordening op de heffing en invordering van Rioolheffing 2018 Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Gemeente Zaanstad Officiële naam regeling Verordening
Belastingrecht MBA 2014
Belastingrecht MBA 2014 Uitwerkingen opgaven Deel 6 Formeel belastingrecht Henk Guiljam Noordhoff Uitgevers Groningen/Houten Belastingrecht MBA 2014 Uitwerkingen Noordhoff Uitgevers Groningen/Houten 1
GEMEENTELIJK KWIJTSCHELDINGSBELEID (versie geldig vanaf 1-1-2013)
GEMEENTELIJK KWIJTSCHELDINGSBELEID (versie geldig vanaf 1-1-2013) Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Gemeente Dalfsen Officiële naam van de regeling Verordening kwijtscheldingsbeleid
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz.
Wijziging van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en enige andere wetten in verband met de invoering van herziening bij aanslagbelastingen (Wet vereenvoudiging formeel verkeer Belastingdienst) VOORSTEL
U rekent zich rijk Gemeente Amsterdam Dienst Belastingen Gemeente Amsterdam
Rapport Gemeentelijke Ombudsman U rekent zich rijk Gemeente Amsterdam Dienst Belastingen Gemeente Amsterdam 18 december 2009 RA0945988 Samenvatting Aan een bedrijf wordt een voorlopige aanslag Verontreinigingsheffing
ECLI:NL:GHDHA:2017:1341
ECLI:NL:GHDHA:2017:1341 Instantie Gerechtshof Den Haag Datum uitspraak 10-05-2017 Datum publicatie 17-05-2017 Zaaknummer Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie BK-16/00396
Het hoe en waarom van de belastingheffing
Hoofdstuk 1 Het hoe en waarom van de belastingheffing 1.1 Onderscheid in belastingen De sociale, economische maar ook de juridische gevolgen van de belastingheffing verschillen naar gelang het type belasting.
Directoraat-generaal Belastingdienst, Cluster Fiscaliteit. Besluit van 26 april 2013, nr. DGB 2013/201M
Inkomstenbelasting. Keuzeregeling voor buitenlandse belastingplichtigen; inhaal - en terugnameregeling bij negatieve inkomsten uit eigen woning en belastingvermindering bij keuzerecht Directoraat-generaal
De Nationale ombudsman zond verzoeksters brief ter behandeling als klacht door naar de Belastingdienst/Noord.
Rapport 2 h2>klacht Verzoekster voldeed in de loop van 2007 aan de voorwaarden voor het opleggen van geautomatiseerde voorlopige aanslagen en werd daardoor binnen een tijdvak van zeven maanden geconfronteerd
Zorgverzekeringswet. Zorgverzekeringswet
Wet van 16 juni 2005, houdende regeling van een sociale verzekering voor geneeskundige zorg ten behoeve van de gehele bevolking (), laatstelijk gewijzigd bij Stcrt. 2009, 15178 (uittreksel) Zorgverzekering
Gemeente Woerden. besluit: Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting 2014
RAADSBESLUIT 13R. 00389 Gemeente Woerden 13R.00389 ^^^^^^ 3b gemeente WOERDEN Agendapunt: 7. H-2.3 Onderwerp: Verordening hondenbelasting 2014 De raad van de gemeente Woerden; gelezen het voorstel d.d.
BELEIDSREGELS INZAKE HET TOEKENNEN VAN AMBTSHALVE VERMINDERINGEN
BELEIDSREGELS INZAKE HET TOEKENNEN VAN AMBTSHALVE VERMINDERINGEN Het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking Rivierenland (hierna de BSR); Gelet op het bepaalde in artikel
Convenant HorzontaaI Toezicht
fl : Mi ASOR tel. Convenant HorzontaaI Toezicht 27 februari 2014 Individueel Convenant Horizontaal Toezicht Partilen Dit convenant wordt gesloten tussen: Gemeente Maasdriel, gevestigd te Kerkdriel, Kerkstraat
Incassoreglement gemeentelijke belastingen/heffingen
Incassoreglement gemeentelijke belastingen/heffingen Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalwijk; gelet op het bepaalde in: * het Burgerlijk Wetboek; * de Invorderingswet 1990;
Nederlandse uitvoeringsvoorschriften inzake het belastingverdrag Nederland-Verenigde Staten van Amerika 1992.
Nederlandse uitvoeringsvoorschriften inzake het belastingverdrag Nederland-Verenigde Staten van Amerika 1992. Directoraat-Generaal Belastingdienst, Cluster fiscaliteit Regeling van 13 januari 2015, nr.
Elektronische winstaangifte
Elektronische winstaangifte De wettelijke bepalingen en de invulling daarvan In het Programma Overheidsloket 2000 heeft het toenmalige kabinet reeds bepaald dat in het jaar 2002 minimaal 25% van de publieke
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen aan den Rijn; hoofdstuk II van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet;
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen aan den Rijn; Gelet op het bepaalde in: artikel 255 Gemeentewet; artikel 26 Invorderingswet 1990; hoofdstuk II van de Uitvoeringsregeling
WindShareFund. Beknopte toelichting op de op te zetten structuur. Arnhem, maart 2014
WindShareFund Beknopte toelichting op de op te zetten structuur Arnhem, maart 2014 Voorbehouden De hierna weergegeven toelichting op de gekozen structuur is zeer globaal van aard en derhalve niet op te
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 33 615 Goedkeuring van het op 12 april 2012 te Berlijn tot stand gekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland
HOOGTE VAN DE BOETE Bij inkeer op basis van artikel 65 ALB blijft de oplegging van een vergrijpboete achterwege.
ARUBA Artikel 65 ALB Ingeval een belastingplichtige of inhoudingsplichtige alsnog een juiste en volledige aangifte doet, dan wel juiste en volledige inlichtingen, gegevens of aanwijzingen verstrekt, vóórdat
2. Indienen van een aanvraag Een aanvraag om kwijtschelding moet worden ingediend middels een daartoe vastgesteld aanvraagformulier.
Jaar: 2010 Nummer: 9 Besluit: B&W 9 februari 2010 Gemeenteblad BELEIDSREGEL KWIJTSCHELDING HELMOND 2010 Het college van burgemeester en wethouders, Gelet op artikel 4:81 tot en met 4:84 van de Algemene
Rapport. Rapport over een klacht over het Gemeenschappelijk Belastingkantoor Lococensus-Tricijn (GBLT) te Zwolle.
Rapport Rapport over een klacht over het Gemeenschappelijk Belastingkantoor Lococensus-Tricijn (GBLT) te Zwolle. Datum: 18 mei 2016 Rapportnummer: 2016/047 2 Wat is de klacht? Verzoekster klaagt er, via
Datum 9 september 2016 Betreft Beantwoording Kamervragen van het lid Bashir over de regeling van de belastingrente
> Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 2585 3 februari 2015 Nederlandse uitvoeringsvoorschriften inzake het belastingverdrag Nederland-Verenigde Staten van Amerika
TOELICHTEND INFORMATIEMEMORANDUM. met betrekking tot de vergadering van participanten van Sustainable Values Fund
TOELICHTEND INFORMATIEMEMORANDUM met betrekking tot de vergadering van participanten van Sustainable Values Fund te houden op 18 juli 2014, om 11:00 uur Herengracht 537, 1017 BV Amsterdam 2 juli 2014 I
EXAMENPROGRAMMA. Vakopleiding Bedrijfsadministratie & Accountancy (VBA ) Examen Belastingrecht niveau 6 Niveau
EXAMENPROGRAMMA Diplomalijn(en) Financieel-Administratief Diploma('s) Vakopleiding Bedrijfsadministratie & Accountancy (VBA ) Eamen Belastingrecht niveau 6 Niveau Vergelijkbaar met hbo Versie 1-0 Geldig
Incassoreglement gemeentelijke heffingen GBRD 2013
Incassoreglement gemeentelijke heffingen GBRD 2013 De invorderingsambtenaar van de Gemeenschappelijke Belasting- en RegistratieDienst gelet op het bepaalde in het Burgerlijk Wetboek, de Invorderingswet
uitvoeringsregeling met betrekking tot de heffing en de invordering van de gemeentelijke belastingen in de gemeente Almelo 2009
CVDR Officiële uitgave van Almelo. Nr. CVDR35977_1 3 juni 2016 uitvoeringsregeling met betrekking tot de heffing en de invordering van de gemeentelijke belastingen in de gemeente Almelo 2009 Gemeenteblad
Incassoreglement Noordelijk Belastingkantoor
Incassoreglement Noordelijk Belastingkantoor Het dagelijks bestuur van het Noordelijk Belastingkantoor; Gelet op: Algemene Wet Bestuursrecht; Invorderingswet; Gemeentewet; Waterschapswet; Belastingverordeningen
Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen Wassenaar 2015
CVDR Officiële uitgave van Wassenaar. Nr. CVDR365857_1 15 november 2016 Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen Wassenaar 2015 De gemeenteraad van Wassenaar, gelezen het voorstel van burgemeester
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen aan den Rijn;
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen aan den Rijn; Gelet op het bepaalde in: Invorderingswet 1990; Uitvoeringsregeling Invorderingswet; Gemeentelijke belastingverordeningen;
VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN TOERISTENBELASTING 2017 (versie geldig vanaf )
VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN TOERISTENBELASTING 2017 (versie geldig vanaf 01-01-2017) Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam van de regeling
GEMEENTEBLAD Officiële publicatie van Gemeente Almere (Flevoland)
De raad van de gemeente Almere, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders; gelet op artikel 226 van de Gemeentewet; B E S L U I T: Vast te stellen de volgende: VERORDENING op de heffing en invordering
Gooilanden. Fiscaal memorandum: Investeren in een recreatiewoning
Gooilanden Fiscaal memorandum: Investeren in een recreatiewoning 1. Inleiding 2. Omzetbelasting 2.1 Btw-ondernemer 2.2 Aftrek van voorbelasting 2.2.1 Geen privé gebruik recreatiewoning 2.2.2 Privé gebruik
Rapport Datum: 23 oktober 2013 Rapportnummer: 2013/153
Rapport Rapport over een klacht over de Belastingdienst te Almere (voorheen Belastingdienst/Randmeren) Datum: 23 oktober 2013 Rapportnummer: 2013/153 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de ontvanger van
17 OKT Ministerie van Financiën. Datum Betreft WOB-verzoek Convenant Belastingdienst-Politie. Geachte
Ministerie van Financiën > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Directoraat-Generaal Belastingdienst Korte Voorhout 7 2511 CV/ Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag wwwirdoverheid.n1 Inlichtingen
Beleidsregels kwijtschelding gemeentelijke belastingen. 1. Op het gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid is artikel 26 (zijnde de artikelen 26.
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Twenterand. Nr. 121442 5 september 2016 Beleidsregels kwijtschelding gemeentelijke belastingen I. Algemeen Toepassing Leidraad Invordering 1. Op het gemeentelijk
VASTSTELLINGSOVEREENKOMST (ALS BEDOELD IN BOEK 7, TITEL 15, ARTIKEL 900 VAN HET BURGERLIJK WETBOEK) PROVINCIE NOORD-BRABANT/BELASTINGDIENST
Bijlage 1 VASTSTELLINGSOVEREENKOMST (ALS BEDOELD IN BOEK 7, TITEL 15, ARTIKEL 900 VAN HET BURGERLIJK WETBOEK) PROVINCIE NOORD-BRABANT/BELASTINGDIENST Partijen, belanghebbenden, A: Provincie Noord-Brabant,
